Spelen met modder: lekker èn vies!

< Z >

In dit blog het vervolg op spelen met modder. En zoals de titel al verraad, gaat het hierin over tegenstrijdige gevoelens: lekker én vies. Die gevoelens komen bij uitstek naar voren tijdens het spelen met zand, water, klei, verf en natuurlijk modder. Ongevormd materiaal dat uitnodigt tot sensopatisch spel. Waarbij spel omschreven kan worden als een manier waarop kinderen de wereld om hen heen onderzoeken en ervaren. En waarbij met sensopatisch wordt bedoeld dat het spel betrekking heeft op het aangedaan worden door zintuigelijke waarneming.

 Het is materiaal dat meteen gevoelens oproept. De aanraking doet wat met je.

Misschien herken je het wel: Het is alsof je wordt uitgelokt en even moet voelen, ruiken, horen, proeven. Je weet door ervaring ook dat het lekker én vies kan zijn. En die ambivalentie geldt niet alleen voor modder. Daar waar water rustgevend en ontspannend kan werken, kan het ook als minder prettig worden ervaren omdat het water bijvoorbeeld ijskoud is of je er door het stampen in de plassen natte kleren van krijgt. Tegenstrijdigheid dus.

 En juist die tegenstrijdigheid blijkt zo waardevol. Ik zal uitleggen waarom.

Kijkend naar het sensopatisch spel bij kinderen, zie je dat spelen met zand en water, kliederen met verf en klei, vooral op peuters en kleuters een enorme aantrekkingskracht heeft.

En dat is naar mijn idee niet voor niets.

De ontwikkeling van peuters en kleuters staat in het teken van het vormen van een eigen ik. De identiteitsontwikkeling. Het is de fase waarin het kind zich los probeert te maken van (met name) moeder, door dingen te roepen als:  "Nee", wil ik niet!" of " Zelf doen!".  Aan de andere kant heeft een peuter de volwassene nog zo hard nodig omdat het nog niet alles zelf kan. Door het leren lopen kan een kind zich letterlijk van moeder verwijderen, maar ook terugkeren naar haar als vast punt en baken van veiligheid van waaruit de grote wereld ontdekt kan worden. Het kind zal proberen dingen zelf te doen en hiermee een eigen identiteit ontwikkelen. ( Kijk eens wat ik kan!)  En het zal de hulp aanvaarden voor de vaardigheden die het nog niet kan. Het spanningsveld dat ontstaat is de uitdaging om de balans te vinden in het vasthouden van je eigen, in ontwikkeling zijnde, ik en het niet verliezen ervan door het gevoel overspoeld te worden door de hulp van de volwassene.

 Het zindelijk worden in deze fase van ontwikkeling roept vaak diezelfde angst voor verlies en de tegenstrijdigheid op. 

 Het vasthouden en controle houden op de ontlasting en het durven loslaten daarvan met het besef dat je daarmee niet jezelf verliest. Voor het  leren omgaan met die tegenstrijdigheid en het zoeken van die balans gebruiken peuters en kleuters sensopatisch spel. In dat spel zorgt teveel water voor modder waar je niets mee kunt maken: daar heb je geen grip op. Met een juiste balans van zand en water kun je prachtige bouwwerken maken.

Eerst met je handen een bultje maken en daarna met ander materiaal mogelijkheden ontdekken van het zand geeft uitdaging en een mooi resultaat zoals op de foto is te zien.

 

 

Niemand heeft kinderen ooit verteld van de waarde van dit spel. En dat hoeft ook niet.

Wat ik nou zo mooi vind aan kinderen, is dat zij eigenlijk met hun voorkeur voor spel aangeven wat goed voor ze is. Het gaat als vanzelf. En daarom is er een relatie te leggen tussen het sensopatisch spel en de identiteitsontwikkeling van kinderen en is de waarde ervan enorm. Want stel je nou eens voor dat je niet mag kliederen? En daarom is die modderdag wat mij betreft een super initiatief en mag spelen met modder iedere dag! Ook na modderdag.

Meer lezen over lekker én vies maar dan zonder modder?

Betty Sluyser en Alex de Wolf hebben een boekje geschreven voor de serie Avontuur voor peuter en kleuter van uitgever Zwijsen. 

Het heet: Vies hè? 

Naast een verhaal bevat het boekje recepten voor olifantendrollen, muizenkeuteltjescake en drollenkoekjes. Echt een aanrader!